Leeg

*niet verwijderen*

Ga woekeraars te lijf

Ga woekeraars te lijf

Alles schiet razendsnel omhoog en vooral de rozen bloeien nu volop. Heerlijk! Helaas is er ook een aantal planten die de neiging hebben de hele tuin over te nemen. Berucht is de Japanse duizendknoop, die ook door gemeenten met alle mogelijke middelen te lijf wordt gegaan, omdat de wortels ervan zelfs door steen, funderingen en asfalt breken. Welke planten kun je maar beter niet in de tuin zetten, vooral wanneer je weinig tijd hebt voor of zin in hebt regelmatig onderhoud, zoals wieden?

Top 7 woekeraars

  1. Japanse duizendknoop
    (Fallopia japonica of Polygonum cuspidatum japonica) Deze vaste plant wordt breed en hoog, krijgt witte bloemaren – en monsterlijk sterke wortels. Hij is praktisch onuitroeibaar. De plant mag inmiddels dan ook niet meer verkocht worden.
  2. Smeerwortel (Symphytum)
    Ook weer een plant die eigenlijk wel aantrekkelijk is. Deze inheemse plant bloeit vroeg en lang met buis- of klokvormige witte of paarse bloempjes en is ook weer een goede voedselbron voor bijen, hommels en andere insecten. Maar hij breidt zich met zijn lange wortelstokken al snel uit. Zo kan hij hele tapijten vormen, ook in de halfschaduw. De ruwharige bladeren en stengels kunnen wat prikken en ook jeuk veroorzaken. Doe dus tuinhandschoenen aan wanneer je ze gaat uittrekken of uitgraven.
  3. Bamboe
    Ja, ze zijn exotisch, ruisen in de wind en zijn fijn als natuurlijke windkering, maar de meeste soorten vormen meterslange wortels. De beste, minst risicovolle plek voor een bamboe is in een pot op het balkon of (dak)terras.
  4. Wederik
    Alle soorten Lysimachia woekeren. Maar ze hebben van augustus tot oktober wel heel vrolijke bloemaren, waar vlinders graag op neerstrijken. Voor de echt actieve tuinier dus.
  5. Guldenroede (Solidago)
    Bloeit van juli tot de herfst met gele bloemen waar bijen graag hun kostje halen. Prima, maar ook deze is af te raden voor een drukbezet persoon en voor de luie tuinier. 
  6. Duivelswandelstok (Aralia elata)
    Een kleine boom met mooi geveerd blad, maar de Nederlandse naam zegt al genoeg: ‘duivelswandelstok’. Hij gaat flink aan de wandel. Bovendien heeft hij gemene stekels, wat het verwijderen van de uitlopers lastig maakt.
  7. Dovenetel (Lamium)
    Een vroeg bloeiende bodembedekker met groen of bont, gekarteld blad en lila-paarse, roze, witte of gele bloemen waar hommels dol op zijn. Hij is vaak ook nog eens wintergroen, zeker in een milde winter, en doet het zelfs op moeilijke plekken, zoals onder een boom, goed. Eigenlijk dus een prima tuinplant, ware het niet dat hij enorm uitdijt. Voordeel is wel dat je hem redelijk makkelijk met wortel en al kunt uittrekken.

5 anti-woekertips

  1. Het is aardig bedoeld en altijd fijn een cadeautje te krijgen, maar mensen geven je niet voor niets een plant uit eigen tuin. Pas dus op voor ‘krijgertjes’! Dat geldt natuurlijk niet voor met liefde opgekweekte zaailingen van bijvoorbeeld eenjarige zomerbloeiers, want daar heb je er vaak al snel te veel van wanneer je ze zelf zaait.
  2. Dam woekeraars, zoals bamboe, in door rondom plastic golfplaten in de grond te graven.
  3. Plant woekeraars indien mogelijk in een pot. Of graaf ze met (een grote plastic) pot en al in.
  4. Dring woekerende planten op tijd en regelmatig terug. Trek of graaf ze met wortel en al uit. Bij planten die zichzelf enorm vermeerderen via hun zaden, zoals de springbalsemien, kun je dat het best doen voordat ze gaan bloeien. Dan kunnen ze ook geen zaden verspreiden.
  5. Een kluit smeerwortel uit de tuin gehaald? Knip de plant fijn en voeg hem zonder wortel toe aan de composthoop of -bak. Hij bevat namelijk veel goede, voedzame stoffen. Je kunt er ook prima gier, een natuurlijke, vloeibare bemester, van maken. Dat doe je door ze fijngeknipt in een emmer of ton met water te zetten. Zet die weg op een zonnige plek, roer er af en toe in en laat de boel gisten. Gaat het stinken? Dan is de gier klaar voor gebruik.